Opdracht 13: tegenwoordige tijd

Vul de persoonsvorm in in de tegenwoordige tijd.
hele werkwoord infinitief.pngstam stam.pngik-vorm ik-vorm.jpg
1. grazengrazik graasEen paard gemiddeld zestien uur per dag in de wei.
2. bloeienik Deze plant maar één keer in de vijf jaar.
3. beantwoordenik Ik haar e-mails lang niet altijd.
4. verliezenik Ajax morgen vast en zeker weer van Feyenoord.
5. dragen--Wij de verhuisdozen wel even naar boven.
6. vindenik Femke de nieuwe kleren van Samira erg leuk.
7. houdenik Mariet wel van katten, maar niet van honden.
8. klevenik Er een stuk kauwgom onder mijn schoen.
9. verrassen--De goochelaar en de clown ons enorm met hun grappige show.
10. wordenik De nieuwe school volgende week geopend.
11. drijvenik Het schip al een tijdje in de haven.
12. zittenik Ik nu al een half uur op Joeri te wachten!